dinsdag, maart 07, 2017

Van prop naar bibliotheek

Onlangs viel mijn oog op een leuk kaveltje bij Catawiki: een handschrift van Adriaan van Dis, of meer precies een handgeschreven tekst van een lezing van hem uit 1988. Of nog meer precies: twee pagina's van die lezing.

Maar compleet of niet, als verzamelaar van werk van Adriaan van Dis vond ik dat dit niet in mijn collectie mocht ontbreken. De beschrijving bij het kavel klonk al goed:



Toespraak bij de presentatie van de dichtbundel Vanitas van Peter Coret
Adriaan van DIS - Toespraak bij de presentatie van de dichtbundel Vanitas van Peter Coret (op 12 november 1988). Oorspronkelijk kladhandschrift met doorhalingen en correcties - 29,4 x 20,9 cm. - Twee bladen (blad 3 en 4; de rest is door de auteur vernietigd). Verfrommeld geweest (door Van Dis tijdens de lezing, de proppen gooide hij op de grond; de hierbij aangeboden bladen zijn de enige twee die bewaard zijn gebleven, de rest is diezelfde dag nog door Van Dis vernietigd). Niet gesigneerd of gedateerd [november 1988]. Citaat: 'Ik zou mij kunnen verschuilen achter de mannenbroeders, een woord dat de dichter toch moet aanspreken, achter de geest van ingenieur Van Dis, en ik zou zeggen: dit is een onchristelijke bundel. Zachte krachten, alors, maar 'zachte geslachten', die 'opbloeien als een purperen roos' (...)'Bijgevoegd: Peter Coret - Vanitas - Amsterdam, De Woelrat, 1988 - Garenloos - 56 p. - 1e druk. Daarbij: kort, gesigneerd briefje van de uitgevers, Lex Spaans en Michel Vassalucci, aan acteur Henk van Ulsen om hem te bedanken voor diens medewerking bij de presentatie van de bundel. Voorts: fotokopie van een krantenverslag van de presentatie van Vanitas, waaraan Adriaan van Dis en Henk van Ulsen hun medewerking verleenden. Met enkele aardige woorden in handschrift van de dichter.

Ik heb in mijn verzameling al enkele handschriften van Van Dis. Ooit hadden wij een gesprekje tijdens een signeersessie en toen bekende ik dat het gedicht Een nieuwe politiek (uitgegeven door de Volkskrant in 1998 in een oplage van 500) niet had en nergens kon vinden. Spontaan bood hij aan het mij te sturen, en dat deed hij vervolgens. Ik stuurde hem als bedankje een boekje van mijn hand en dat leverde weer een heel aardige kaart uit Parijs (lees het uitgebreide relaas hier).

Maar dit zijn allemaal persoonlijke berichtjes. Iets anders is een daadwerkelijk door de auteur geproduceerde (en kennelijk nooit gepubliceerde) tekst, zoals hier aangeboden. Die hoort natuurlijk in mijn bibliotheek thuis. Zoals bij alle veilingen was vervolgens de vraag: wat ben ik maximaal bereid hier aan uit te geven? Uiteindelijk kon ik het kavel voor 25 euro kopen en dat was ruim beneden mijn maximumbod. Daarvoor kreeg ik dus niet alleen de geschreven tekst, maar ook een mooi dichtbundeltje van de inmiddels overleden Peter Coret (pseudoniem van Cees van der Pluijm). Uitgeverij de Woelrat was de uitgeverij van de intussen ook al overleden Michel Vassallucci, later oprichter van uitgeverij Arena en na zijn dood geëerd met de naam van uitgeverij Vassallucci. Van die laatste uitgeverij heb ik onder andere een hele serie - intussen gesigneerde - boeken van Meir Shalev in de kast staan.

Ik kon mijn kavel ophalen bij Fokas Holthuis in Den Haag. Daar werd ik allerhartelijkst ontvangen, temidden van de ruime voorraad boeken die ik alleen kende van de prachtige nieuwsbrieven die Fokas Holthuis en Paul Snijders wekelijks rondsturen. Het is altijd weer geweldig om met boekenliefhebbers te praten. We delen een passie en kunnen genieten van al het moois wat de boekdrukkunst ons heeft gebracht. Fokas en Paul waren er en ook Nick ter Wal was aan het werk in het antiquariaat. Het vleide mij dat zij mijn blog kenden. Ze wisten dat ik intussen een incunabel op de kop had getikt en een eerste druk van Nescio's debuut. Paul Snijders drukte mij een overzicht van de incunabelen die hij te koop in handen, om thuis bij te watertanden. Ik vond het bijzonder dat er een dergelijk ontvangstcomité was voor een aankoop die bruto 25 euro was (de veilingkosten moeten er immers nog af). Maar het gaat niet om duur of goedkoop, het gaat erom dat een uitgave op de juiste plek in iemands bibliotheek is gekomen. Later zag ik trouwens dat dit kavel eerder in een nieuwsbrief had gestaan voor €75.

Fokas wist nog iets meer over de herkomst van dit handschrift te vertellen. Hij was zelf bij deze boekpresentatie aanwezig. Van Dis las de toespraak voor en gooide vervolgens de proppen op de grond. Twee van de vellen werden diezelfde dag verbrand, maar deze twee zijn behouden gebleven. Het oprapen van de proppen mocht natuurlijk niet, maar het gebeurde toch. Om de tijd te schetsen: het was in de periode dat van de toen 42-jarige Van Dis het boek Zilver verscheen, 5 jaar na zijn debuut Nathan Sid maar nog ruim voor het verschijnen van Indische duinen. Maar al met al toch al weer bijna 29 jaar geleden. En al die 29 jaar lagen deze twee velletjes ergens opgeslagen voordat ze naast alle andere Van Dis-publicaties in mijn kast terecht kwamen. Totdat ze eindelijk thuis kwamen. In de bundel van Coret staat trouwens de mooie dichtregel "op dood rijmt vaak alleen maar dood". Te zien is dat Van Dis op een apart velletje de oogst uit een rijmwoordenboek heeft opgeschreven: alle woorden die ook rijmen op dood. Rood, malloot, floot, halfdood, kroot... Ik denk dat Peter Coret dolblij is geweest met deze aanvulling op zijn verzuchting in deze dichtbundel.

Hoe dan ook, behalve het ontvangstcomité en het uitwisselen van de boekenliefde was het ook in andere opzichten een gul bezoek: ik werd volgestopt met een paar mooie catalogi en andere informatie van het antiquariaat en ik was daar een beetje verbouwereerd over. Ik dacht te komen voor twee velletjes papier en een dichtbundeltje en ik wandelde met een forse stapel drukwerk naar buiten. Eén van de leukste dingen die ik kreeg was het boek Lagere aap. Het leven van Kees Lekkerkerker, geschreven door Menno Voskuil in opdracht van antiquariaat Fokas Holthuis (en nog steeds daar te koop) ter gelegenheid van de overdracht van het Slauerhoff-archief van Lekkerkerker aan het Nederlands Letterkundig Museum. Het boek is een prachtige levensbeschrijving van Lekkerkerker, die zijn leven doorbracht in de literatuur, voortdurend bezig was met initiatieven om in de literatuur zijn brood te verdienen en in het bijzonder om uiterst precies al het werk van Slauerhoff te bezorgen. Ondanks dat hij bekendheid heeft gekregen met zijn werk voor Slauerhoff en ondanks dat hij talloze auteurs en uitgevers persoonlijk kende, heeft hij zijn leven lang moeite gehad om ruim zijn brood te verdienen. Maar ik heb dit eerbetoon aan hem met veel genoegen gelezen en ik ontdekte pas thuis dat dit boek prima past bij de fraaie Slauerhoff-catalogus van Fokas Holthuis die ik ook in mijn handen gedrukt had gekregen.

En zo was ik die middag een paar mooie aanvullingen op mijn bibliotheek en een goede herinnering rijker. En dat is waar bibliofielen het voor doen.  

maandag, januari 30, 2017

Kingdom of blogs

Ik loop wat achter met het lezen van boeken in mijn favoriete categorie "boeken over boeken" maar onlangs was ik dan toch toe aan het lezen van Wim Huijser's Kingdom of Books. Dit boek is een geschiedenis van het boekendorp Hay-on-Wye in Wales en in het bijzonder over de man die het concept boekendorp tot leven bracht en anderen inspireerde om hetzelfde te doen: Richard Booth. (Wiens leiderschap niet door iedereen werd gewaardeerd en daarom is hij in 2009 feestelijk onthoofd). Maar het boek gaat ook in op de historie van het dorp en de markante figuren die daar in het verleden gewoond hebben.
Al met al een lezenswaardig boek over de vele kanten van een dorp waar ik dringend naar toe moet. Maar tot mijn verrassing vond ik achterin ook een lijst met boekenblogs die de schrijver aanbeveelt ("de meest interessante blogs"), als handreiking aan bestaande en aanstormende bibliofielen. Ik sta als tweede op die lijst vermeld. Mijn ego vond dat natuurlijk erg fijn, maar ik had daarna wel twee vragen.

Allereerst: hoeveel lezers van dit blog heeft het boek van Huijser opgeleverd? Het boek is gepubliceerd in juni 2007 en toen was ik pas drie jaar aan het bloggen. Sowieso best een goede prestatie om dan al op deze manier bekend te zijn. Ik had in die periode o.a. een stukje over bibliofagie en Owen Gingerich geschreven, Maar het betekent ook dat ik al tien jaar onwetend ben van van alle lezers van dit blog die na het lezen van het boek van Huijser mijn url hebben ingetypt. Met enige vertraging daarom bij deze alsnog: hartelijk welkom, en fijn dat jullie er zijn!

De tweede vraag is: hoe is het nu eigenlijk met de bloggers op het lijstje van Huijser? Er staan 29 url's op deze lijst, waarvan er 28 blogs zijn. Eentje is namelijk mijn - helaas niet zo goed bijgehouden - lijst met boekenlinks op boek.favos.nl. Van de 28 blogs kan ik het volgende overzicht maken:
  • Een zestal blogs publiceert nog regelmatig: mijn eigen boekenblog natuurlijk, en verder boekendagboek, boekendingen, boekenliefhebber, boekenwijs, the Millions,
  • Eén blog publiceert nog, maar op een andere plek: papierenman
  • Er zijn zes blogs die nog bestaan maar de laatste tijd (maanden/jaren) jammer genoeg niet meer publiceren: boekengek, bibliodyssey (hopelijk heeft dat niks te maken met het feit dat de url niet goed gespeld staat in het boek), ricksbooks, booklust, yvesjoris/lettergoesting, occamsrazorlibrary
  • En dan zijn er 15 blogs die niet meer bestaan en waarvan de url niet meer werkt of niks meer met boeken te maken hebben: bibliofilos, bibliophilebullpen, peppiekokkie, boekenkastfoto, boekenrijk, boekenwurm, boxofbooks, depapierenwereld, kapitein, literatuuraire, lonkendeletters, rarebooksnews, schrijversinfo, uitdekast, bookaholic

Dat betekent dat 21 van de 28 blogs er min of meer mee opgehouden zijn. Driekwart van de bloggers is binnen tien jaar gestopt. Dat klinkt best dramatisch en dat is het misschien ook wel. Het feit dat een boekenblogger stopt is erg en levert bij mij weemoed op, net zoals wanneer boekhandels en antiquariaten sluiten. Een teloorgang van het vertrouwde; zo lees je regelmatig hun berichten en zo zijn ze er ineens niet meer en is het voorbij. Maar aan de andere kant zijn er ook bloggers bijgekomen en worden er nog steeds wekelijks mooie blogs over boeken en schrijvers gepubliceerd. Een aantal daarvan staat in de rechterkolom van dit blog. En er zijn in elk geval 7 blogs die het al meer dan een decennium volhouden. Zoals er ook nog steeds heel veel boeken verschijnen en boekhandels in nieuwe vormen hun plek innemen.

Ik was zoals gezegd nogal verrast toen ik mijn blog zomaar in dit boek zag staan. Ik had daarom nog een derde vraag tot slot: zouden er nog meer plekken zijn waarop dit blog wordt genoemd behalve natuurlijk als link op de websites van vrienden? Ik heb geen beeld van alle boeken die mijn blog op een lijstje in de bijlage hebben gezet of er anderszins de loftrompet over laten klinken, maar toen ik even googlede vond ik een hele bijzondere andere vermelding: op de website van De Boekerij, bij een boek van Mila van Oosten, lijkt het alsof ik als bron genoemd word met de opmerking "Niet meer weg te leggen". Ik kan met de hand op mijn hart zeggen dat ik nog nooit zelfs maar in de buurt ben geweest van een boek van Mila van Oosten - misschien ten onrechte, dat laat ik in het midden - dus ik heb er in elk geval nooit een mening over gehad. Het lijkt mij ook niet mijn genre. Maar kennelijk was ik voor de Boekerij zo'n betrouwbare naam dat ik als referentie bij dit boek kan worden gebruikt, ook al is het iets wat ik niet heb gezegd. Nader onderzoek wees uit dat er een recensieblog is (The book girls) die mijn url gebruikt, maar dan met een T ervoor. Waarom? Ik heb geen idee. Maar zij recenseren inderdaad boeken in het genre waar Mila van Oosten tussenpast. Helaas is ook dit blog onlangs gestopt. Weer eentje minder.

Ik wens Mila van Oosten desondanks.een hoge oplage toe mede door mijn niet gegeven aanbeveling. Voor al mijn andere lezers: schrijf over mij in uw boek en ik beloof dat ik er eerder dan na 10 jaar een berichtje over zal schrijven op dit blog.

update 4 februari:
De makers van de boekensite Hebban.nl hebben ook een lijst met blogs gemaakt. Zij hebben "het Nederlandstalige boekbloggerslandschap in kaart gebracht". Ik ben vereerd dat ik ook op dat lijstje sta met de positieve opmerking "Leuk aan dit boekenblog is het persoonlijke tintje dat aan de blogposts is gegeven". Voor alle lezers die via hebban bij mij zijn gekomen: welkom!

donderdag, januari 19, 2017

Ik zie (weer) dubbel

Meer versies van hetzelfde boek... elke bibliofiel heeft daar last van. Recent schreef Danny Habets er nog een tweedelige serie over (deel 1 en deel 2), Perkamentus verklaart zichzelf over dit fenomeen en ook ik schreef er al bijna 12 jaar geleden al eens over. Kortom: dubbele exemplaren in een bibliotheek zijn van alle tijden. Afgelopen periode heb ik wederom een dubbel exemplaar gekocht, en voor een forse prijs trouwens. Maar eerst iets over mijn dubbele exemplaren.

Ik merk dat ik in de loop van de jaren veel makkelijker ben geworden met het kopen van 'dubbels'. Want als er één schaap over de dam is... Maar het komt vooral omdat ik de uitvoering van het boek steeds belangrijker ben gaan vinden. Ik heb dubbele exemplaren omdat verschillende versies waardevol voor mij zijn: de uitvoeringen zijn bijzonder genoeg om apart te bezitten, exemplaren zijn gesigneerd of genummerd, soms heb ik er ook sentimentele gevoelens bij. Of gewoon hebberige gevoelens. Kortom, ik weet altijd wel een reden te vinden om een boek toch te houden als het een dubbel exemplaar is omdat ik hetzelfde boek al in mijn kast had.

Als ik kijk in mijn catalogus op LibraryThing dan is daar een handige functie 'work multiples'. Ik zie daar dat er 69 titels zijn die ik meer dan één keer in mijn bibliotheek heb. Koploper is Philobiblon van Richard de Bury, waarvan ik 8 exemplaren heb, die ik allemaal in één keer kocht op de veiling bij Bubb Kuyper. Hieronder zitten een Zweedse en een Deense versie, maar ook twee genummerde versies, de eerste Amerikaanse vertaling en een paar simpelweg hele fraaie uitvoeringen. Ik zou niet uit deze exemplaren kunnen kiezen als ik werd gedwongen er één weg te doen.. Sterker nog: zodra ik de uitgave van Philobiblon van de Carbolineum Pers voor een beetje schappelijke prijs zie, sla ik toe en dan heb ik er 9.

Verder heb ik - als ik een beetje smokkel - zowel Titaantjes als De Uitvreter van Nescio 7 keer. Elk heb ik 3 keer afzonderlijk (bijvoorbeeld in de door Joost Swarte geïllustreerde uitgave, en als audioboek) en daarnaast 4 keer in combinatie met elkaar en het verhaal Dichtertje. Daarbij mijn grote trots: de allereerst druk van dit gezamenlijke werk, gerestaureerd en wel. Maar ook de uitgave van Stichting de Roos en de facsimile van de tweede druk met de illustraties van Johan Eshuis. Ik zoek nog de originele tweede druk uit 1933 en als ik die heb, dan heb ik er acht.

Van enkele uitgaven in het kader van Nederland Leest bezit ik 6 exemplaren: Erik of het klein insectenboek en Een vlucht regenwulpen. In beide gevallen omdat ik alle verschillende versies van het omslag wil hebben, maar ook de Groot Letter uitgave en eventuele andere versies. In deze gevallen levert dat 6 exemplaren op. Verder heb ik ook de meeste provinciale uitgaven van de uitgave van 2015, toen A.L. Snijders de mooiste korte verhalen uitzocht. Maar elke uitgave had een paar unieke verhalen per provincie, daarom tellen deze niet als dubbels want het zijn daardoor afzonderlijke werken. Overigens zoek ik nog Drenthe, Friesland en Zeeland, dus als iemand die heeft liggen....

Daarnaast zijn er nog een heleboel titels die ik 3 tot 5 keer heb. Zoals mijn drie Caesarions van Tommy Wieringa: de eerste druk, de 'uncorrected proof' van de Engelse editie (gekocht bij The Strand) en de prachtuitgave van Pau Groenendijk. En drie keer Blokken van Bordewijk: de eerste druk, de mooie uitgave van ontwerper Frans de Jong en de facsimile van de eerste druk.

Maar vorige maand kwam er dus nog een dubbel bij. Ik heb in dit blog jaren geleden uitvoerig verslag gedaan van mijn zoektocht naar de speciale uitgave The Shell van Adriaan van Dis, uitgegeven door De Koninklijke Shell bij het afscheid van Loe van Wachem. Uiteindelijk kreeg ik naar aanleiding van mijn blogberichten een mailtje van een lezer die het aanbood en voor 60 euro was het van mij, in mooie staat en gesigneerd. Maar wat ik nooit had gedacht was dat er ook nog een Nederlandse versie van dit boek was gemaakt, met de titel "De schelp". Deze stond ineens op Catawiki en toen ik dat zag kreeg ik iets verbetens over mij: ik moest en zou dit boek hebben. Lang geleden leerde ik al uit de verhalen van Boudewijn Büch dat je een kans op een bijzonder boek nooit moest laten lopen, want deze kans is er maar één keer. En zeker omdat ik deze versie nog nooit eerder had gezien, schat ik de kans om er nog een te vinden bijzonder klein.

Er ontstond een klein biedoorlogje met een andere liefhebber van Van Dis. Misschien dezelfde die een paar weken daarvoor mijn dubbele exemplaar van de Stichting de Roos-uitgave Kleurlijn voor 160 euro kocht (terwijl ik er zelf 75 voor had betaald bij Burgersdijk en Niermans in een lot met nog meer boeken)? Hoe dan ook, gelukkig eindigde dit biedoorlogje eerder dan die andere en voor 90 euro (exclusief veilingkosten) was het boek van mij. Eveneens gesigneerd en in vrijwel dezelfde uitvoering als de Engelse. Trouwens: de reden dat ik mijn dubbele Kleurlijn verkocht is dat ik meer versies van een boek niet erg vind, soms zelfs gewenst, maar meer identieke versies hoeft niet.

Al met al heb ik zo 150 euro betaald voor deze twee uitgaven van Van Dis. Zijn ze het waard? Dat is toch geen vraag om aan een bibliofiel te stellen. Kijk ze nu eens naast elkaar in mijn kast staan... het maakt mijn Van Dis collectie nog unieker dan het al is. Ik streel mijzelf zelfs met de gedachte dat ik de uniekste Van Dis collectie van Nederland heb... Er is namelijk geen uitgave van Van Dis die ik niet heb, sterker nog: ik heb zelf meer uitgaven van Van Dis, dan Van Dis. Het brengt de wereldvrede niet dichterbij en verder koop ik niks voor deze gedachte, maar ik vind het desondanks een prettige wetenschap.

zondag, december 25, 2016

Onder boekenliefhebbers

Perkamentus en de auteur van het jubileumboek schreven er ook al over: het jubileum van het Nederlands Genootschap van Bibliofielen en de bijbehorende verschijning van het jubileumboek De complete verzameling, geschreven door Paul van Capelleveen. Ik was uitgenodigd door Perkamentus om deze dag in dit eminente gezelschap door te brengen en dat heb ik met veel plezier gedaan.

Er zijn veel aangename kanten aan het vertoeven in het gezelschap van bibliofielen. En dat is natuurlijk vooral de herkenning van het virus waar iedereen mee besmet is. De meestgestelde vraag was dan ook 'en wat verzamel jij'. Daarop kwamen uiteenlopende antwoorden: incunabelen, kaarten en atlassen, uitgaven over Amsterdam... maar na enig doorvragen was het veelal toch zo dat sprake was van een immer uitdijende verzameling waar de verzamelaar steeds minder controle over had. Dat maakte het thema van het jubileumboek - het einde van de verzameling - des te actueler. Want hoe kom je er ooit weer vanaf? Maar voortdurend kwam ook een zinnetje als "onlangs kocht ik bij Bubb..." of "gelukkig vond ik bij The Romantic Agony vorig jaar...". Ik kon daaraan toevoegen: "Vanmorgen haalde ik mijn twee gewonnen kavels op bij Zwiggelaar." Ik was een tevreden mens want ik ging naar het jubileum van de de bibliofielen met een flinke stapel bibliofiele uitgaves in de achterbak van mijn auto.

De dag werd vooral doorgebracht in het prachtige Teylers, waar we naast een aantal boeiende lezingen en een ijverig fotograferende Perkamentus werden vergast op een rondleiding door het museum met de mogelijkheid een aantal bijzondere uitgaven uit de bibliotheek van het museum van dichtbij te bekijken. Het mooie was dat een aantal leden van het gezelschap net zo veel of meer wist van de tentoongestelde boeken dan degene die ons rondleidde, wat regelmatig zorgde voor opmerkingen als 'blader even naar pagina X van dit boek, daar staat een interessante illustratie' of 'mag ik even de band van dichtbij bekijken want dit is een bijzondere binding'. Zo zagen we onder meer de eerste druk van de allereerste publicatie van de door Linnaeus opgestelde indeling van het dierenrijk uit 1735. Maar mijn meest indrukwekkende moment was toch wel het bekijken van Birds of America van Audubon. Prachtig om dit boek te zien, hoewel zelf erin bladeren niet toegestaan was. Niet raar voor een boek dat op de veiling zo'n 8,6 miljoen euro opbrengt. Schokkend was wel het gegeven dat bij het maken van een facsimile editie van het boek niet iedereen zijn handen afveegde. Het resultaat: inktvingers op verschillende pagina's van dit boek, en soms ook inktvlekken op de afbeeldingen. Voor iemand die zelfs de meest goedkope pocket nog voorzichtig behandelt is dat een onverdraaglijk gegeven.

Na al deze emoties werd het dan toch tijd voor het diner. Dat werd genoten in restaurant Stempels, waar ik het genoegen had om de tafel te delen met onder meer Paul van Capelleveen (conservator bij de KB), Jos van Heel (oud-conservator van Meermanno), Aafke Boerma (hoofd PR van Meermanno) en boekbindster en boek restaurateur Natasha Herman. Het gaf mij de mogelijkheid om mijn jubileumboek te laten signeren, maar mooier nog: tijdens het gesprek werd duidelijk dat deze Jos van Heel degene was die zo vriendelijk was het briefje van Van Westreenen te ontcijferen dat ik vond in de nalatenschap van mijn oom (ik schreef er hier over). Wat een prettig toeval om tegenover degene te zitten die mij zo uit de brand heeft geholpen met mijn blog. Zijn commentaar: "als ik het handschrift van Van Westreenen al niet kan ontcijferen, wie dan wel?" Daarnaast was het een avond vol mooie verhalen over boeken, boekenvondsten en de vele varianten van de liefde voor het mooie en bijzondere boek.

En zo eindigde een bibliofiele dag. Terwijl Perkamentus en ik een doos met jubileumuitgaven door Haarlem sjouwden namen we warm afscheid van medebibliofielen die ik helaas onvoldoende kon spreken. Op naar een volgende bijeenkomst!

donderdag, december 08, 2016

Biblio-sonnetten

Ik las het al op de facebookpagina van Fokas Holthuis: de Nederlandse vertaling van Biblio-Sonnetten van Paul Verlaine is verschenen. Fokas heeft de uitgave van De Roos, maar er is nu ook een schitterende handelseditie verschenen die te bestellen is bij De Boekenfabriek maar kennelijk ook bij Bol. Maar wel opschieten, want er zijn maar 500 exemplaren gemaakt. Deze handelseditie ligt voor mij, de uitgave van De Roos zal ik over enige tijd ook bezitten, het is gewoon een kwestie van geduld.

De reden dat ik dit boek heb is dat het mij werd aangeboden door de uitgever. Natuurlijk met de bedoeling dat ik er een ronkend stukje over schrijf. Want ik hou van boeken, en zeker van boeken over boeken. En dat stukje schrijven doe ik in dit geval met liefde. Want de biblio-sonnetten is het ideale cadeauboek voor elke bibliofiel, en kan met een gerust hart op de verlanglijstjes worden gezet.

Wat maakt dit boek nu zo begerenswaardig? Daarvoor zijn verschillende redenen. Allereerst de uitvoering: het is een mooi gebonden boek op lekker papier, het ruikt goed (belangrijk!) en ziet er gewoon perfect verzorgd uit.

Maar dan de inhoud. De biblio-sonnetten van Verlaine staan centraal en ik moet eerlijk bekennen dat ik het bestaan ervan niet kende. Dat is ook niet zo raar, want ze zijn altijd tamelijk obscuur gebleven. De eerste uitgave van deze sonnetten kende een oplage van 131 exemplaren en ook daarna zijn ze nauwelijks zelfstandig uitgegeven. In dit boek zijn ze verzameld (zowel de originelen, als de mooie vertaling van Martin Hulsenboom, als de bijbehorende illustraties) met daarnaast uitgebreide toelichtingen van Peter IJsenbrant (over Verlaine) en Ed Schilders (over de uitgeefgeschiedenis van de sonnetten en over uitgever en bibliofiel Pierre Dauze). In het persbericht wordt dit een drie-eenheid tussen poëzie, bibliofilie en biografie genoemd. De sonnetten zelf zijn dus maar een klein deel van het boek, maar wel waar alles om draait. En ze geven een mooie schets van het leven  van bibliofielen. Zoals deze:


De komst van de catalogus
De bibliofiel ontvangt zijn post! In euforie,
Zelfs vóór hij tast naar kennelijk intieme brieven
Werpt hij zich onverwijld op de Catalogi.
Nog niet doldriest, en wars van kwalijke motieven


Bedacht uit liefde voor superbe handelswaar,
Slaat hij nu uitgerekend de brochure open
Van die wel zeer geraffineerde antiquaar
Die niet te duru verkoopt om zeker te verkopen


Met rusteloze hand - maar keurig hoor, madame,
Hij is zo keurig, heus! - nu hij zo'n boekje vindt
Dat hij sinds lang begeert - trouwhartig als een kind! -


Stuurt hij de Handelaar meteen een telegram:
"Hou vast."- "Geregeld" antwoordt vóór het avondgrauw
Een bondig spoedbericht,
De goede Klant valt flauw


De toelichtingen schetsen een fascinerende beeld van het leven van Verlaine rond de eeuwwisseling en de liefde voor boeken. Ik ben zelf gek op levensbeschrijvingen van bibliofielen dus ik was blij verrast met de uitgebreide informatie over Pierre Dauze en zijn betekenis voor de boekenwereld en natuurlijk voor Verlaine. Er worden mooie observaties gedaan over zijn passie voor boeken. Zoals dat hij vier bibliofiele gezelschappen heeft opgericht maar ook dat hij een pionier was in het verzamelen van moderne auteurs. En ook dat zijn naam een zelfstandige betekenis kreeg, 'dauzage' oftewel het zorgen voor opgesmukte boekbanden.

Ed Schilders schreef een mooi overzicht over het ontstaan en de publicatie van de biblio-sonnetten. Het was al tegen het einde van het leven van Verlaine en daarom heeft hij zijn opdracht niet kunnen afmaken: uiteindelijk verschenen 13 van de geplande 25 biblio-sonnetten. Schilders geeft het verloop van de opdracht en het ontstaan van de sonnetten weer, maar ook hoe het uiteindelijk kwam tot de publicatie van de afzonderlijke uitgave in 131 exemplaren, waaronder een luxe uitgave voor Dauze zelf. Wat ik enorm boeiend vind is te lezen hoe het verder ging met de bibliotheek van Dauze maar ook met de gepubliceerde exemplaren van Biblio-sonnetten. Begrijperlijkerwijs zijn ze heel zeldzaam  en volgens Schilders zijn er maar 4 bekend in Nederlandse bibliotheken. Het Dauze-exemplaar is (vermoedelijk) in 2014 bij Christie's geveild voor een bedrag van €2125.

Ik werd trouwens weer helemaal enthousiast van Ed Schilders. Ik checkte even en heb alleen zijn geweldige boek Vergeten boeken in de kast staan, een verzameling van achtentwintig lange essays over curieuze auteurs, boeken, en literaire verschijnselen. Een groot deel daarvan verscheen in eerste aanleg in de Volkskrant, Vrij Nederland, en Maatstaf. Eigenlijk 28 prachtige blogstukjes, maar dan in een boek. Maar buiten dat had ik niks, dus heb ik maar direct het boekje Bibliohaptonoom  besteld.  Ik heb trouwens  ook nog even gekeken naar biblio-poëzie in mijn bibliotheek. Ik heb intussen verschillende uitgaven: wie kent niet de bloemlezing Niet nog een boek, met gedichten over boek, bibliotheek en lezer. En ik vond nog het jaarwisselingsgeschenk met Haiku over het boek van Gaby Bleijenbergh.

Ik googlede ook nog even op het boek van Verlaine/Dauze en tot mijn verbijstering zag ik dat er begin 2016 een van de 131 exemplaren van Biblio-Sonnetten  bij Catawiki is geveild voor het luttele bedrag van €140. Ik heb die veiling ongetwijfeld gezien maar ik had geen idee van de betekenis van die uitgave. Na het lezen van dit boek zou ik dat bedrag blind neerleggen voor een exemplaar als dit. Is dat niet de tragiek van veilingen? Dat je het soms gewoon niet ziet, en achteraf de haren uit je haafd trekt?

Maar als troost heb ik deze uitgave. Een paar mooie biblio-sonnetten, een paar fantastische toelichtingen die aan alle kanten de boekenliefde ademen en ook nog eens mooi uitgegeven. Er is geen lezer van blog die dit boek niet in zijn kast zou moeten willen hebben.

Update februari 2017:
De uitgave van De Roos is sneller in mijn bezit gekomen dan gedacht. Uiteraard gekocht via Catawiki. Weliswaar niet zo spectaculair als de originele uitgave, maar niet minder welkom in mijn boekenkast. En: wederom een dubbel exemplaar in mijn boekenkast (zie daarover dit bericht).

maandag, november 21, 2016

13e/14e eeuws manuscript in mijn bibliotheek

Vorig jaar schreef ik over mijn grote blijdschap bij het - na lang zoeken - kunnen kopen van een incunabel oftewel wiegedruk. Mijn passie voor boeken moest wat mij betreft bekroond worden door het bezit van een werk uit de kraamkamer van het moderne boek: een incunabel, oftewel een boek of geschrift dat gezet is met losse letters en gedrukt voor 1 januari 1501 in Europa. Mijn incunabel, een werk van Bernard van Clairvaux, is gedrukt op 16 december 1490 in Venetië en voldoet daarmee ruimschoots aan de definitie voor een incunabel. Het waren Bernardinus Benalius en Matteo Capcasa die het uiteindelijk voor mij drukten. Bernardo Benali (verre familie van Abdelkader?) was een drukker en typograaf die bekend stond om zijn fraaie drukwerk. Bekend van hem is Dante's Commedia die hij samen met Capcasa drukte op 3 maart 1491 en die een paar jaar geleden nog €45000 opbracht. Helaas verwoestte een brand in het klooster Santo Stefano in 1529 een groot deel van zijn voorraad boeken. Matteo Capcasa was afkomstig uit Parma en werkte met verschillende drukkers in Venetië samen, waaronder dus Benali. Het mooie van deze informatie en van de nauwkeurige datering van het boek is dat ik binnenkort de 526e verjaardag van mijn inuncabel kan vieren en kan toosten op beide heren drukkers.

Wat mij bij het kopen al opviel was dat het boek was gebonden in iets dat leek op een ouder handschrift. Het was heel gebruikelijk in de tijd van de wiegedrukken om deze 'ouderwetse' vorm van  schriftelijke communicatie te gebruiken om de moderne boeken mee te binden: ter versteviging van omslagen en ruggen, of zelfs bij wijze van omslag zelf, zoals bij mijn incunabel. In de loop van de 15e en 16e eeuw nam het drukken van boeken een grote vlucht. Het betekende dat heel veel van dit soort handschriften uit het oog verdwenen, maar voortleven in de ruggen en omslagen van boeken in onze bibliotheken. Dat betekent dat er in deze boeken een schat voortleeft die zicht kan geven op het leven in de 15e eeuw en (veel) vroeger.

Tegenwoordig is het mogelijk om onderzoek hier naar te doen zonder het hele boek te hoeven opensnijden. Bijvoorbeeld met X-ray technologie, daarbij kan achter de rug van een boek worden gekeken naar mogelijke fragmenten. Een mooi artikel hoe dit in zijn werk gaat staat hier, waarbij ook zichtbaar wordt hoe ingewikkeld het nog is om deze teksten leesbaar te maken. Overigens staat dit artikel op een mooi blog waar een hele rij boeiende artikelen staat over middeleeuwse teksten. Aanrader: een artikel over middeleeuwse naambriefjes uit een Leids weeshuis waarvan de auteur zegt "this post may make you want to weep",

Ik wilde recent toch wel eens weten wat er nu eigenlijk als omslag voor mijn incunabel was gebruikt. Ik maakte daarom een paar foto's van mijn boek en stuurde ze naar Dr. Erik Kwakkel, expert op het gebied van dit soort handschriften en auteur van bovengenoemd blog (volg hem op Twitter). Hij was bereid naar mijn omslag te kijken en dit is wat hij mij op basis van de foto's schreef:
Het gaat om een handschrift van c. 1300 of de vroege veertiende eeuw dat zeer waarschijnlijk in Italië (?) werd geschreven. De presentatie betreft een “textus inclusus”, ook wel “square bracket glossing” genoemd. Hierbij staan er twee tekst columns centraal, met daarom heen gedrapeerd een commentaar tekst. Deze presentatie was zeer gewoon bij rechtshandschriften, en de kans is groot dat we die ook hier zien. (Op de grote foto met rode Q zijn kolom 1 en 2 de hoofdtekst, en kolom 3 het commentaar. Aan de linkerzijde van kolom 1 was er oorspronkelijk nog een commentaarkolom te vinden.) Ik kan de tekst evenwel niet identificeren omdat de tekst is vervaagd, vermoedelijk met opzet, want vaak werd bij dit soort omslagen gepoogd de tekst weg te wassen.

De inschatting dat het om een Italiaans handschrift gaat is niet raar, aangezien mijn incunabel zoals gezegd in Venetië is gedrukt en het lijkt logisch dat materialen werden gebruikt die voorhanden waren, zoals oude Italiaanse juridische handschriften. In dit geval niet onzichtbaar weggewerkt als versteviging aan de binnenkant van het boek, maar gebruikt als omslag aan de buitenkant. Maar wel met een stuk afgesneden (de linker commentaarkolom, zoals Erik Kwakkel zegt). Waarom het zo is gedaan weet ik niet, maar wat mij wel opvalt is dat dit document op zich best fraai versierd is, met een paar gekleurde initialen. Misschien dat het kleurgebruik en de algemene uitvoering zodanig was, dat men vond dat het wel als omslag gebruikt kan worden. Misschien was dit gewoon de meest goedkope werkwijze in het kader van massaproductie. Misschien sloeg de tekst van het omslag ook een beetje op de inhoud van het boek. Of misschien heeft iemand niet goed opgelet en het omslag er verkeerd om opgeplakt, en was het zo nooit de bedoeling maar is het maar zo gelaten...

Hoe het ook zij, ik ben blij dat ik nu niet alleen een incunabel bezit maar ook nog een - zij het verwassen - handschrift dat nog bijna 200 jaar ouder is. Ik vond de leeftijd van mijn incunabel al hoog - en zal dat op 16 december a.s. plechtig gedenken, mogelijk met een taart met 526 kaarsjes - maar de ruim 700 jaar die deze vage juridische tekst uit Italië meegaat maakt dat ik mij helemaal nederig voel bij zoveel historie.

zondag, oktober 16, 2016

Een doos rozen voor een verzamelaar

Eén van de voordelen van een boekenblog is dat er met enige regelmaat lezers zijn die - terecht - vermoeden dat ik geïnteresseerd ben in boeken. Ik geef eerlijk toe: mijn blog is ook een beetje een open uitnodiging aan de wereld om mij boeken aan te bieden. Liefst voor niets, maar als het echt interessant wordt dan wil ik er ook graag voor betalen. En dus is dit niet alleen een plek waar ik mijn avonturen met boeken beschrijf, maar ook een digitaal uithangbord voor de boeken die ik nog zoek.

In het verleden heb ik met enige regelmaat geschreven over mijn Adriaan van Dis collectie. Ooit schreef ik over mijn zoektocht naar de speciale uitgave van The Shell, en ruim een jaar later bood een lezer het mij aan. Ruim twee jaar geleden meldde ik dat ik  de Roos-uitgave Kleurlijn zocht maar wat ik niet schreef is dat na een vergeefse poging om het boek bij Fokas te kopen (ik viste weer eens achter het net! Ondanks dat ik exact 54 minuten nadat de nieuwsbrief in mijn mailbox plofte mijn bestelling deed) ik beet had in de najaarsveiling van Burgersdijk en Niermans (lot 387). Eindelijk was deze uitgave van Stichting de Roos in mijn bezit.
Maar achteraf was ik erg blij dat ik het niet op dit blog had vermeld. Want dit voorjaar werd ik door een lezer benaderd die vroeg of ik nog steeds op zoek was naar het boek, en die meldde dat hij een hele rij met uitgaven van Stichting de Roos te koop had. Of ik misschien voor een of meer uitgaven interesse had?

Dat had ik natuurlijk, want uiteindelijk wil ik graag alle uitgaven van De Roos in mijn kast hebben. Alleen weet ik ook wat de waarde er van is dus probeerde ik aan verwachtingenmanagement bij de verkoper te doen: interesse is er, maar ik weet niet of het budget er is.

Toen ik eenmaal het lijstje met beschikbare Rozen ontving verschoot ik bijna van kleur. Het overgrote deel ervan was niet in mijn bezit. Tegen de 50 uitgaven lagen als het ware binnen handbereik, maar zou ik dat ooit kunnen betalen? Welke prijs zou gevraagd worden? En als ik zou moeten kiezen uit het aanbod, welke moest ik dan kiezen? Ik bedacht mij dat ik maar liever niet van het bestaan van dit aanbod had willen weten. Nu zou ik voor altijd terugdenken aan een gemiste kans om een enorme slag te slaan.
Maar we bleven heen en weer mailen. Ik gaf aan dat ik in heel veel uitgaven interesse had. De verkoper kwam met een voorstel voor de koopprijs. Ik dacht er over na en was ondertussen druk bezig met drie zaken:
1. Bedenken hoe ik ooit mijn eega over deze aankoop zou vertellen als dit door zou gaan
2. Bedenken hoe ik aan het geld zou komen om de naar verwachting forse koopprijs te betalen
3. Een grote reorganisatie op het werk waarvoor ik verantwoordelijk was en waardoor ik uiteindelijk op mijn eigen baan moest solliciteren

De weken verstreken en de verkoper werd - terecht - een beetje ongeduldig. Hij had daarom contact opgenomen met Bubb Kuyper om te zien of de boeken inbreng konden zijn voor de najaarsveiling 2016. Gelukkig had ik door hard te sparen en slim te handelen (zoals ik hier beschreef) en het voornemen om nog wat eigen boeken te verkopen de vraagprijs bij elkaar. Wat hielp is dat ik uiteindelijk het hele aanbod kocht - inclusief de uitgaven die ik al had. Dat maakte dat ik de verwachting had dat ik bij doorverkoop van de dubbele exemplaren nog wat zou terugverdienen.

Al met al was uiteindelijk de dag daar dat ik de boeken ging afhalen. In het hart van het land in het smalste straatje waar ik ooit gereden heb meldde ik mij op het adres. Ik wist niet wat ik kon verwachten omdat er geen ander contact was geweest dan per mail. Maar ik werd ontvangen door een hartelijke verzamelaar, die passie had op een ander gebied dan ikzelf en die via een Venduehuis tegen al deze boeken was aangelopen. En bij nader inzien pasten ze niet bij zijn collectie, en dus werden ze verkocht. We bewonderden samen de rij uitgaven. Het was uiteindelijk een hele grote doos vol, die ik voorzichtig door de regen naar mijn auto tilde. Uiterst voorzichtig reed ik naar huis, proberend elk hobbeltje en elke stevige bocht in de weg te vermijden om botsen en schudden te voorkomen.

Zo kwam het dat ik uiteindelijk in het bezit was van twee exemplaren van Kleurlijn van Adriaan van Dis: eentje uit de veiling van Burgersdijk en Niermans en eentje in deze nieuwe stapel boeken. Maar dat was nog de minste voorspoed. Thuisgekomen ben ik uren bezig geweest met het bekijken van de boeken. Klein en groot, kwetsbaar en robuust, alle soorten, maten en vormen: zoals van Stichting de Roos verwacht mag worden was er een enorme variëteit aan boeken. Elk boek is een pareltje en laat langzaam zien wat het in zich heeft. Exemplaren uit de jaren '50 tot aan 2014. Onbekende namen en bekende namen. Ik schreef al eerder over de veiling bij Bubb Kuyper waar ik een enorm berg boeken over boeken kocht onder de titel "alle boekenwensen vervuld". Die verzuchting gold ook deze keer: wat heb ik nog meer te wensen dan deze verzameling met prachtboeken?

Maar ik vond nog iets. Veel van de boeken waren niet de standaard-genummerde exemplaren van Stichting de Roos. Van elk boek worden namelijk 175 genummerde exemplaren gemaakt voor leden, en daarnaast enkele exemplaren voor bestuur en medewerkers. Het overgrote deel van mijn aankoop bestond uit die extra exemplaren voor bestuur en medewerkers. Veel van de boeken hadden daarom in het colofon niet de vermelding: "dit exemplaar is nummer..." maar de vermelding "dit exemplaar is gedrukt voor...". Ik wist niet eens dat die variant bestond! En niet alleen dat, maar een aantal van de boeken waren gesigneerd door of gedrukt voor Hans Eenens. En Hans Eenens is de oud-voorzitter van Stichting de Roos. Oftewel: ik had een serie boeken De Roos gekocht uit de boedel van de voorzitter. Dat riep bij mij wel een aantal vragen op: was Hans Eenens overleden? Hoe komt deze set boeken bij een Venduehuis terecht, was dat niet meer iets geweest voor een serieus antiquariaat? En: waar is de rest van de boeken van Hans Eenens gebleven?


Allemaal onbeantwoorde vragen. Maar ik heb toch maar mooi mijn collectie van De Roos bijna verdubbeld, een paar minder goede exemplaren vervangen door betere en bovendien bezit ik nu een aantal uitgaven die nog iets bibliofieler zijn dan de toch al bibliofiele uitgaven van De Roos zoals ik die kende... Elke keer als ik met mijn hand langs de rij uitgaven van De Roos ga - inmiddels ruim anderhalve plank in een Billy - dan realiseer ik mij: ik ben een gelukkig mens.


zondag, september 25, 2016

Bibliofielen in het wild

Iedereen kan het artikel ook lezen op de site van de Volkskrant, maar ik vind de de bijdrage van Arjan Peters zo leuk, dat ik hem hier integraal plaats. En waarom vind ik 'm leuk? Omdat ik me herken in de geschetste bibliofielen. Het is niet voor het eerst dat bibliofielen worden beschreven - Peters haalt zelf al Komrij aan, bijvoorbeeld - maar daarom is het niet minder leuk. Vooral deze zin: "Dat woordje hoort bij de kleine verdrietelijkheden voor een boekensneuper die feitelijk al óm was." Hoe vaak heb ik niet geschreven over achter het net vissen? Zoals hier. En hier. En hier. Aan de andere kant: ik herken me niet in het gegeven dat ik mij schaam voor mijn aandoening. Maar, genoeg gedraald, Arjan Peters heeft het woord.

Bibliofielen in het wild op de Antiquarenbeurs

Boekenweek

Op de aanstaande Antiquarenbeurs kun je een zeldzaam verschijnsel zien, aldus Arjan Peters: bibliofielen in het wild.
Bibliofielen, dat zijn mensen die niet lezen maar verzamelen. Als ze al een boek openen, zullen ze er eerder de zetfouten van kennen dan de tekst. Dit zei Gerrit Komrij toen hij 22 jaar geleden de Internationale Antiquarenbeurs opende. Hij wist over wie hij sprak.

Volgend weekend vindt de Antiquarenbeurs weer plaats, in het Amsterdamse Marriott Hotel. Misschien ga ik even langs, om naar bibliofielen te kijken. Je ziet ze niet vaak in het wild. Ze zijn niet trots op hun aandoening - hebzucht vermomd als literatuurliefde -, en komen er daarom moeizaam voor uit. Ik ontken er een te zijn, hoewel ook dat mogelijk een symptoom is.
De aanvechtingen van de verzamelaar ken ik. Maar ik kan op tijd stoppen
De aanvechtingen van de verzamelaar ken ik. Maar ik kan op tijd stoppen, vind ik zelf. Zo bezit ik een eerste druk van de roman Uit talloos veel miljoenen (1981) van W.F. Hermans. Ik weet dat ik óók een tweede druk (1983) moet aanschaffen, omdat de auteur daar een wrang slothoofdstuk (nr. 43) aan toevoegde. Extra attractie: er is toen een fout bij de hoofdstuknummering blijven staan: in de eerste én de tweede druk staan twee hoofdstukken 37 na elkaar. Pas bij de derde druk (1989) heeft het slothoofdstuk het goede nummer, 44, gekregen. In de Volledige Werken deel 5 (2013) staat uiteraard de goede versie, en die heb ik, maar dat is geen kunst. Een bibliofiel bezit de drukken 1 tot en met 3.
Het woordje 'verkocht' hoort bij de kleine verdrietelijkheden voor een boekensneuper
Antiquariaatscatalogi lees ik altijd. De firma Fokas Holthuis bood laatst een boekje aan dat de zelfverklaarde gek W.L. Smit in 1889 met de hand schreef in de inrichting Meerenberg bij Santpoort: 'Het Leve is 1 Kunst en 1 Streid/ Heeft Dominé Weisz ons eens geseid/ En waar die Kunst te leeren is/ Dat is in Meerenberg gewis.'

Verkocht, las ik onder de aanlokkelijke beschrijving in de catalogus. Dat woordje hoort bij de kleine verdrietelijkheden voor een boekensneuper die feitelijk al óm was.

De lezing van Komrij uit 1994 heet 'De boekendans'. De tekst staat in diverse verzamelbundels. Ik heb een eerste druk (500 exemplaren), met een paar regels méér, zoals Komrijs destijds uitgesproken wens 'dat zekere verzamelaars schielijk sterven'. Mijn exemplaar is gesigneerd 'Voor I'. Dat was de Telegraaf-recensent en Komrij-verzamelaar Ivan Sitniakowsky, die in 2014 overleed. In juni van dit jaar trof ik het boekje in een catalogus aan. Ik kocht het. Uit respect voor een bibliofiel.

maandag, september 12, 2016

Nagelaten werk als sleutel tussen 19e eeuwse boekenliefhebbers

In de nalatenschap van mijn oom vond ik een curieus boekje dat uiteindelijk heel bijzonder bleek te zijn. Ik had het meegenomen omdat het in het rijtje 'oude boeken' stond en ik was van plan thuis eens rustig uit te zoeken of daar wat bij zat wat meer dan gemiddeld bijzonder of waardevol was.


In het stapeltje zat dus ook dit in zwart gebonden boekje - het ziet er een beetje uit als een schoolschrift - dat een exemplaar bleek te zijn van W.H.J van Westreenen's 's Graavenhage in de dertiende eeuw volgens eene oude aftekening, met historische ophelderingen, uit 1804 (online versie hier). Om te kijken of deze titel op zichzelf nog wat waard was googlede ik het en het bleek voor twee tientjes al te koop te staan. Dus legde ik het weg om het later te bekijken: kennelijk was het wel apart, maar niet bijzonder.

Toen ik onlangs het boekje doorbladerde viel mij iets curieus op: er zat voorin een briefje ingeplakt met een tekst in een voor mij bijna onleesbaar handschrift. Maar de naam van de afzender lijkt die van Van Westreenen zelf te zijn.  En bij het verder doorbladeren viel mij nog iets op: er zaten twee stickertjes in - één in het Nederlands en en één in het Frans - die erop leken te wijzen dat dit boekje ooit had toebehoord aan het "Willem II-museum" in Den Haag. Daarnaast waren er in de tekst van dit boekje verschillende aantekeningen gemaakt.

Dit museum ken ik niet maar de combinatie van deze stickertjes, het briefje en de aantekeningen maakte mij nieuwsgierig. En al snel ontdekte ik dat ik misschien wel een heel bijzonder boekje in handen had.



Allereerst de auteur van het boekje - Willem Hendrik Jacob (Willem) baron van Westreenen van Tielland. Hem kennen we natuurlijk als de stichter en naamgever van het Museum Meermanno-Westreenianum. Deze oud-militair die een van de grootste verzamelingen incunabelen van Nederland (en diverse andere belangwekkende collecties) bijeen bracht was een excentrieke, onaangepaste man die ondanks zijn afkomst en relaties er nooit in slaagde om een politieke functie van enige betekenis te krijgen. En die daarnaast zijn rijke verzameling voor iedereen verborgen hield. Hij heeft ook een bescheiden rijtje met eigen boeken op zijn naam staan. Eén ervan is dit werkje, dat hij op 21-jarige leeftijd schreef. In de Vaderlandse Letteroefeningen wordt het aldus benoemd:
De vlytige en kundige Westreenen geeft hier den Nederlanderen een geschenk, dat, hoe klein in het voorkomen, by elken Liefhebber der Oudheidkunde eene aanmerkelyke waardy zal hebben. Waarin het besta, ziet men uit den opgegeven titel. Het is, naamelyk, een Kaartjen van den allereersten aanleg van 's Graavenhage, in het midden der Dertiende Eeuwe, of omtrent 300 jaaren vroeger dan eenige andere thans bekend zynde asbeelding of beschryving. 
Later bleek het kaartje waarop het werk was gebaseerd helaas toch niet authentiek te zijn, maar het is mooi om op die leeftijd al als "vlytig en kundig" bekend te staan. Als liefhebber van boeken en (dus) van het museum van het boek was deze auteur geen onbekende van mij.

Dan het Willem II-museum. Ik vond daar informatie over op de pagina's van de journalist Marcel Tettero (met name deze pagina over het museum en deze over diens stichter) en in de biografie van Ignaz Matthey. Het idee voor het museum ontspringt aan het brein van Toon Tetteroo of Tetterode. Zijn echte achternaam is Van Tetroode en hij is een markant boekhandelaar uit Amsterdam die tussen 1830-1840 in Den Haag neerstrijkt. Hij is - indirect - een bekende van Koning Willem II en de koning steunt - eveneens indirect - een aantal van zijn initiatieven. De koning en Van Tetroode hebben elkaar nooit rechtstreeks ontmoet. Van Tetroode raakt verwikkelt in diverse hevige disputen tussen Republikeinen en Koningsgezinden. Via vlugschriften, eigen kranten en op talloze andere manieren geeft hij uiting aan zijn Oranjeliefde en zijn voorkeur voor een grote rol van de Oranjes in Nederland. Na de dood van Willem ll wil van Tetroode een museum voor 'zijn' koning inrichten. Want Willem II heeft op 16 juni 1815 in Quatre Bras de Nederlandse troepen heldhaftig aangevoerd (hoewel achteraf de rol van de Nederlanders wel mee lijkt te vallen). Twee dagen later verliest Napoleon de slag bij Waterloo en het heeft er alle schijn van dat de latere koning zijn bijdrage aan de geschiedenis heeft geleverd. Het levert hem in Nederland in elk geval een heldenstatus op.
In de ogen van Van Tetroode krijgt de koning desondans niet de erkenning die hij verdient. Al een jaar na de dood van zijn 'beschermheer' doopt hij zijn boekhandel om in "Museum Willem II". Hij maakt een folder waarin hij koning Willem ll prijst als verzamelaar van kunst. Ook koopt hij een levensgroot borstbeeld van zijn geliefde koning en plaatst het voor zijn woning. In de folder laat hij onomwonden weten dat hij ondanks zijn leeftijd (54) liever straatarm verder leeft dan ophoudt met het eren van zijn overleden vorst. Van Tetroode zou zelfs de sigarenpeukjes verzamelen die de koning op straat achterlaat (en onder een glazen stolp in zijn winkel tentoonstellen). Na verwoede pogingen om oa de kunstcollectie van de overleden koning te (laten) kopen en een eigenstandig museum te openen, blijft er niets anders over dan zijn eigen boek- en prentenhandel als museum in te richten. In 1856, zeven jaar na de dood van de koning, opent aan het Lange Voorhout in Den Haag het museum Willem ll de deuren, vlakbij het voormalige paleis van de vorst. Op de plek van het Museum staat nu Hotel Des Indes.

Van Tetroode heeft in zijn leven veel geld geleend. Omdat zijn handel steeds slechter loopt moet hij telkens verhuizen naar een kleiner onderkomen. Matthey achterhaalt in zijn biografie maar liefst 31 woonadressen in Den Haag tussen 1838 en 1875. Arm en berooid sterft de boeken-, kunst- en muziekhandelaar Van Tetroode uiteindelijk zonder dat zijn doel is bereikt. Van het beoogde grote museum Willem ll is, aldus Marcel Tettero, op zijn sterfdag niet meer over dan "een kruiwagen met spulletjes die op een zolder aan de Hekkelaan 9 in Den Haag staan uitgestald".

Wat is nu de relatie tussen Van Westreenen en Tetroode? Uit de archieven van het museum Meermanno-Westreenianum, dat wil zeggen via de beschrijvingen in het boek Een wereld van verzamelaars en geleerden blijkt dat Van Westreenen en Van Tetroode met elkaar correspondeerden. Van Tetroode liet via Van Westreenen publicaties van hem bij de Koning bezorgen. Matthey tekent in zijn biografie op dat Van Westreenen boeken kocht bij Van Tetroode, zoekopdrachten gaf, commissies verleende voor aankopen op veilingen en hem inschakelde bij de verkoop van doubletten. Zij kenden elkaar dus: Van Tetroode was een graag geziene gast bij Van Westreenen thuis en Van Westreenen bemiddelde op het ministerie bij een dreigend faillissement van Van Tetroode. Het lijkt voor hand te liggen dat Van Westreenen ook was betrokken bij het droombeeld van Tetroode: het museum Willem II.

Terug naar het boekje van mijn oom. Wat is nu de connectie tussen al deze dingen? Blijkbaar heb ik hier een authentiek werk uit het bezit van Van Tetroode. Na zijn dood heeft dit misschien wel in de bovengenoemde "kruiwagen met spulletjes" als restanten van het museum gezeten, maar waarschijnlijk is het al eerder in het proces van verarming verkocht: onder druk van dreigend faillissement heeft Van Tetroode de inboedel van zijn eigen winkel geveild en hij moest meer dan eens zaken verkopen om het hoofd boven water te houden. Aan de andere kant: één van de stickers vermeldt het adres Hekkelaan 9, en dit is het twee-na-laatste adres van de 31 waar Van Tetroode woonde, hij verbleef op dit adres tussen 1867 en 1875. Het lijkt erop dat hij dit boekje dus lang bij zich heeft gehouden. Het briefje voorin het boek is duidelijk van de hand van Van Westreenen: een schenking van dit jeugdwerk van de auteur aan de droom van zijn vriend en mede-bibliofiel? Als ik in staat ben het briefje verder te ontcijferen wordt misschien meer duidelijk. Voor zover ik nu kan zien is Van Westreenen dankbaar voor iets dat Van Tetroode heeft betekend in relatie tot "manuscripten met miniaturen" en de aanwezigheid van soortgelijke boeken in de bibliotheek (van Van Westreenen?). Als het briefje bij dit boek hoort (maar misschien is het er later ingeplakt), heeft Van Tetroode het minstens 20 jaar in zijn bezit gehad.

Duidelijk is wel dat dit boekje getuige is geweest van een bijzondere en hectische periode in de ontwikkeling van ons land en van een bijzondere vriendschap tussen twee legendarische namen in de geschiedenis van de bibliofilie. Het boekje dat ik gedachteloos mee naar huis nam en waarvan ik dacht dat het weinig waarde had, blijkt een belangwekkend werkje te zijn. Boeken met een verhaal - ik hou ervan. En dit onooglijke boekje in zjin rommelige zwarte omslag krijgt een ereplaats in mijn bibliotheek.

Dit alles met dank aan mijn oom de verzamelaar. Zou hij zelf geweten hebben wat voor bijzonders hij in zijn bezit had? Ik kan helaas niet terugvinden hoe hij aan dit boekje is gekomen. Op een veiling gekocht? In een antiquariaat gevonden? Opgedoken in een kringloopwinkel? Hij hield niet in detail bij waar hij welke boeken kocht: de omzwerving van anderhalve eeuw van dit werkje zullen altijd een mysterie blijven. Maar vanaf nu is duidelijk waar het thuishoort: in de collectie van Sneuper.

NASCHRIFT
Lezer Jos van Heel was zo vriendelijk om het briefje van Van Westreenen te ontcijferen. Er staat:
De B[aro]n van Westreenen van Tiellandt betuigt den H[ee]r van Tetroode zijn erkentenis, voor de bezichtiging van nevengaand fraay werk van Midolle, maar bezitter zynde, gelijk de H[ee]r van Tetroode van ouds weet, van een aantal oude Manuscripten met migniaturen, versierde voorletters &c. heeft hij zich voorgenomen, in zijne Bibl[iotheek] geene facsimile's van soortgelijke kunstgewrochten, die - hoe fraay ook - echter altijd maar Copien zijn, te plaatsen.
Zijne gezondheid is thans tamelijk goed, en hij verzekert den H[ee]r van Tetroode van zijne erkentelijkheid voor de deelneming in dezelve.
Dit geeft aan dat het briefje niet oorspronkelijk in dit werk zat, maar kennelijk in een werk van Midolle dat Van Westreenen van Van Tetroode op zicht heeft gekregen, mogelijk om hem bij te staan in een periode van ziekte. Zou hier worden gedoeld op een facsimile van de beroemde calligrafist Jean Midolle? Deze was actief in Van Westreenen's tijd en het zou niet verbazend zijn als hij een origineel van diens werk zou hebben. Echter, als ik nu zoek in de catalogus van het museum, dan zijn er geen werken van Midolle bekend. Misschien bedoelde Van Westreenen andere soortgelijke boeken (en wilde hij per definitie geen facsimiles) of misschien is er wel een werk van Midolle geweest, maar inmiddels verdwenen. Als ik nu in de bibliotheek van Meermanno kijk zie ik overigens 118 werken waarin op een of andere manier het begrip facsimile voorkomt.

zondag, augustus 28, 2016

London revisited (bookish London part II)

Een aantal jaren geleden schreef ik over een bezoek aan Londen en de beperkte tijd die ik had om in de plaatselijke boekhandels rond te struinen. Met zoveel boekhandels beschikbaar is dat toch wel een kwelling voor een bibliofiel. Maar zoals de eerste wet van de bibliofilie luidt: 'geduld is een schone zaak'. En zo was het na een paar jaar wachten nu dan eindelijk zover. Ik had samen met junior het plan opgevat naar Londen te gaan en ons tourschema daar was overzichtelijk: 's morgens een boekhandel, 's middags een boekhandel en tussendoor als we tijd hadden nog een boekhandel. Onze omgeving dacht eerst dat sprake was van een grap: of wij niet meer in Londen wilden zien dan alleen boekhandels. Maar het onbegrip van de vragensteller verbleekte al snel bij het onbegrip van ons, Londengangers: wat zou je nu meer in Londen willen zien dan boekhandels?

Natuurlijk vereist een en ander wel zorgvuldige planning. Immers, boekhandels hebben de neiging om soms gesloten te zijn en het heeft voordelen om handige routes uit te stippelen om te voorkomen dat onnodig tijd verloren wordt met heen en weer reizen tussen twee locaties. En daarnaast is het goed om een paar doelen te hebben voor de boekenjacht: de lijst met desidirata moet ook weer eens opgepoetst worden.

Junior had een hele concrete boekenwens. Of liever gezegd: de wens was concreet ("ik wil een boek") maar het boek in kwestie was niet helemaal duidelijk. In gesprek met een collega had die haar enthousiast gemaakt voor een bepaald boek. Het genre was young adult, het was een heel bekend boek met een aantal 'geheime hoofdstukken' online, er was een grote fanbase rondom het boek en o ja, er was iets met een haai. Met deze beperkte gegevens heb ik mij aan een online zoektocht gewaagd, maar ik werd niets wijzer. Nergens doken relevante boektitels op, ondanks dat ik mijn google-skills tot het maximum benutte. Ik stelde ook een aantal zoekvragen op fora van boekliefhebbers: de berichtenpagina's van LibraryThing en Goodreads. Maar zelfs het aanboren van 'wisdom of te crowds' kon niet helpen. Dat boek konden we wel schrappen van de lijst, tenzij er een wonder gebeurde. En is Londen niet ook een beetje de stad van wonderen?

Op de eerste dag van onze boek besloten we ons heil te zoeken in Charing Cross Road. De eerste stop daar was Any Amount of Books. Voordat we de winkel in stapten namen we een kijkje in de bakken met boeken, wie weet wat er nog te vinden is voor een pond. En terwijl Junior voor de eerste bak stond, strekte ze haar hand uit en zei "dit is het boek dat ik wilde hebben!" Ik vond dat een hilarische opmerking op de eerste dag van ons bezoek bij de eerste boekhandel waar we keken, maar tot mijn stomme verbazing stond ze daadwerkelijk te juichen met een boek in haar hand. In de kist op straat bleek een nagenoeg nieuw exemplaar te staan van The Raw Shark Texts van Steven Hall te staan. Ongelooflijk maar waar, van alle miljoenen boeken in London en van alle tientallen boekwinkels, is het eerste boek dat wij zagen het boek waarvan we niet wisten hoe het heette. En daarmee kon ons bezoek aan Londen al niet meer stuk. Na het bezoek aan Any Amount of Books gingen wij via Quinto en Henry Pordes naar het boekenparadijs Foyles. Wat een heerlijke winkel is Foyles om in rond te dwalen en geïnspireerd te raken. Toch was onze focus niet zozeer op nieuwe boeken (want die halen we ook wel bij de American Book Center, of iets dergelijks) maar ook zonder iets te kopen is er met gemak een paar uurtjes stuk te slaan in een ruime boekhandel als Foyles.

De volgende dag herhaalden we dit recept: genieten van een mooie boekhandel en vervolgens onze slag slaan in een antiquariaat. En als we ons echt niet kunnen beheersen (en trouwens, waarom zouden we? Er was nog voldoende bagageruimte over) dan kochten we gewoon wat we mooi vonden. En zo begonnen we de dag in het fantastische Waterstones waarna we onze weg vervolgden bij Skoob. Pas toen we buitenstonden omdat de honger ons naar een lunchplek dreef met onze oogst in onze rugzakken, maakte junior de intelligente opmerking dat Skoob het tegenovergestelde is van Books. Ondanks alle planning en voorbereiding en het lange verblijf in de winkel was dit mij nog niet opgevallen.




Op onze laatste dag startten we de dag bij Hatchards, en wat een juweel van een winkel is dat! Een boekwinkel om langzaam van te proeven, eindeloos van te genieten en waar je je maar met moeite van losrukt. De wijze waarop de boeken worden aangeboden, het interieur.. het draagt allemaal bij aan het genot van de bibliofiel. Leuk was dat we op weg naar Hatchards langs Waterstones kwamen waar een enorme rij voor de deur stond. Bij navraag bleek dat te zijn voor een signeersessie van Buzz Aldrin. De beveiliger die bij de rij stond probeerde ons te overtuigen dat dit echt heel bijzonder was: hoe vaak kan je iemand ontmoeten die op de maan was? Die signeersessie startte om 12 uur, maar de rij was al voor openingstijd van Waterstones immens. Ik vroeg junior voor de zekerheid of zij in de rij wilde staan voor een gesigneerde Buzz Aldrin, maar wij waren het al snel eens: liever graven door een rij boeken dan zelf in de rij staan voor een boek. En anders kunnen we altijd nog bij ebay terecht.. Toen wij Hatchards verlieten bleek de rij voor Buzz Aldrin zich langs de hele gevel van Waterstones en ver de hoek om te hebben gevormd.


En zo dwaalden wij langs het boekenaanbod van Londen. We snoven de geur van papier, werden verrast en teleurgesteld, liepen met steeds hoger groeiende stapeltjes boeken door boekhandels en waren tevreden. De Southbank Book Market is nog steeds heel erg zonde van je tijd, net als een paar jaar geleden. Onveranderlijk wordt het aangekondigd als "one of London's best kept secrets" maar het is beter om het "the bibliophile's biggest disappointment" te noemen. Hoewel het uitzicht vanaf de Southbank, de terrassen en vooral de Food Market een genot voor alle zintuigen waren.

Hebben we dan verder echt niks toeristisch gedaan in Londen? Ach, natuurlijk wel. We hebben taart gegeten bij Choccywoccydoodah, zijn lekker naar Covent Garden geweest en naar de M&M winkel op Leicester Square. Niet toevallig zijn dat allemaal dingen die met eten te maken hebben. Want boeken zoeken maakt hongerig en bovendien hadden we koolhydraten nodig om onze oogst naar huis te kunnen tillen... En waar bestond die oogst dan uit? Want het gaat nu wel heel erg over boekwinkels in London, maar wat hebben wij dan eigenlijk gekocht? Uiteindelijk was het vooral junior die boeken had gekocht, Ik beperkte mij tot een paar mooie eerste drukken, oa van Ian McEwan en een paar boeken over boeken. Maar geen grote aankopen die een apart blogstukje vragen. Mijn handbagage was gevuld met boeken die in een andere kast verdwenen. Het waren er zoveel dat wij beiden vreesden dat de opbergruimtes in het vliegtuig het zouden begeven...

woensdag, juli 06, 2016

Boeken sneupen, boeken handelen

Ik heb nooit gedacht dat er een groot handelaar in mij zat, maar een klein handelaartje begin ik inmiddels toch wel te worden. Ik denk dat er geen jaar is geweest als 2016 waarin ik zoveel boeken heb ingekocht en ook weer verkocht, en dat alles om mijn boekenbudget aan te vullen of tenminste een aantal 'gratis' boeken te krijgen: d.w.z. de boeken die ik voor mijzelf houd nadat de ingekochte partij (met winst) van de hand heb gedaan.

Maar laat ik bij het begin beginnen. Rustig surfend op het web, op zoek naar boeken kwam ik ineens terecht op de site van het voor mij onbekende veilinghuis Timothy, waar een langlopende boekenveiling bezig was. Deze boekenveiling bevatte een grote diversiteit aan boeken: fictie en non-fictie, Nederlandse en vertaalde literatuur en ook niet-vertaalde literatuur. Het leek een grote bibliotheek van iemand te zijn, maar de bibliotheek werd zonder veel samenhang boek voor boek geveild.

De boeken werden in porties geveild: elke dag een half uur lang ongeveer 50 kavels, bieden vanaf 0,5 euro en een vaste tijd waarop het kavel verliep. Vooral dat laatste bleek fijn, want waar andere veilinghuizen altijd een minuut toevoegen aan de looptijd nadat een bod is gedaan gebeurde dat hier niet. Dus op het moment dat één seconde voor tijd het hoogste bod is gedaan, is het kavel bijna zeker binnengehaald.

En zo begon ik te bieden. De meeste boeken bleken voor daadwerkelijk voor 0,50 verkocht te worden, met een enkele uitschieter naar een paar euro en veel boeken die helemaal niet verkocht werden. Dat is op zich te begrijpen, want het waren ogenschijnlijk geen bijzondere boeken: gewone romans en niet al te zeldzame drukken of uitgaves. Maar toch zag ik een paar kavels die mij interessant leken, vooral om door te verkopen: het verzameld werk van Couperus (de set uit 1976), het verzameld werk van Pierre Kemp en een kostbare set van Francois Valentijn: Beschryving van Oost-Indien, de facsimile uit 2002. Daarnaast wat exemplaren uit de series Privé-domein, Ambo-klassieken, en de Grote Bellettrie-reeksvan Athenaeum-Polak & Van Gennep.



Veel van de boeken werden zoals gezegd niet verkocht en die eindigden aan het eind van elke week op een plank die als geheel werd geveild. Vanwege de slechte kwaliteit foto's was niet echt duidelijk wat er op de planken stond. Ik heb een paar plankjes gekocht (€2,50 per stuk) zonder echt te weten wat ik kocht maar vooral omdat ik wat boeken meende te herkennen die voor mij interessant waren. Voor het overige was het een paar weken lang simpelweg alert blijven tussen 19.30 en 20.00 en op het scherpst van de snede bieden: één seconde voor tijd mijn maximumbod. Na een paar weken (de veiling bleek al maanden te lopen, ik stapte ruim een maand voor het einde in) waren er ook een paar andere bieders met die tactiek. Daardoor heb ik nog een paar kavels verloren.

Uiteindelijk heb ik 70 kavels gekocht, waaronder de eerdergenoemde van Couperus, Valentyn en Kemp. Ik zag een set Verzameld Werk van Bordewijk weg gaan voor teveel geld (waarom werd daar nu wel op geboden?) en ook mooi werk van Lucebert boven mijn budget. Aan de andere kant scoorde ik een paar mooie fotoboeken voor een fractie van de waarde. Maar ik hield niet echt bij wat ik allemaal kocht, want elke keer dacht ik "ach, een halve euro... wat maakt mij het uit". Dus toen ik de boeken ging halen in de buurt van Nijmegen schrok ik toch wel een beetje: letterlijk een auto vol boeken! Bananendozen en tassen vol boeken sleepte ik naar huis, tot grote ongerustheid van mijn huisgenoten: waar ging ik dat nu allemaal laten?

Maar mijn handelsinstinct bleek te kloppen. De set Valentyn verkocht ik al snel op Catawiki voor ruim het dubbele wat ik ervoor betaalde. De set Couperus ging voor bijna drie keer de inkoop weg en de Kemp vijf keer. Ik had ook nog een hele set luxe boeken over het oude Egypte gekocht. Tien boeken voor 0,50 per stuk gingen in een paar lots voor zo'n 30-40 euro per lot van de hand. De set Privé-domein van Herzen leverde een minieme winst op want die had ik toch wat te duur ingekocht. Maar al met al had ik al snel de kosten van de veiling terugverdiend, zelfs na aftrek van de dubbele veilingkosten: ik moest natuurlijk zowel bij Catawiki als bij Timothy afrekenen.

Maar wat bleef er dan nog over voor mijn eigen bibliotheek? Er zaten naast de bewust gekochte boeken een paar leuke verrassingen tussen. Zo kocht ik het boekje Tromboneliefde van de helaas te vroeg overleden Adriaan Jaeggi voor de eerdergenoemde 0,50. Bij nadere beschouwing bleek het een gesigneerd exemplaar te zijn. Ik kocht voor hetzelfde bedrag De zwarte met het witte hart van Japin, en dat bleek een eerste druk (niet gesigneerd helaas, maar dat komt nog wel). Op de eerdergenoemde plankjes bleek een mooie rij Dorresteins te staan, ook in eerste druk.

En onvermijdelijk is er nu een hele stapel boeken in mijn bezit die rechtstreeks naar de kringloop kan. Het zijn boeken die niet welkom zijn in mijn bibliotheek, maar die ook geen euro gaan opbrengen op Marktplaats of een veilingsite. Misschien dat een kringloopklant er nog blij mee is, maar Perkamentus hoeft er wat mij betreft niet voor om te lopen.

Aan het eind van dit avontuur kijk ik tevreden naar mijn boekenbudget en tegelijkertijd naar de stapel  (ruim 30 boeken die ik in feite gratis kan toevoegen aan mijn bibliotheek. Naast de gesigneerde Jaeggi, de Japins en de Dorresteins heb ik onder andere nog de Perdu-uitgave Op Peruaanse hoogte, van Julio Cortázar en Manja Offerhaus, de voor mij onbekende klassiekers De zangen van Maldoror, La Celestina en tot slot Onze vooroorlogstijd van de bij nader inzien heel foute Robert Brasillach, Daarnaast twee boeken van Mendoza voor als ik in augustus naar Barcelona ga en de Jaarboeken van Tacitus in de Ambo-uitgave.

Het was de moeite waard. Het bieden was elke avond weer spannend en zorgde voor een regelmatige stoot adrenaline als de laatste seconde was verstreken en ik moest kijken of ik het geworden was... En ik blijk al met al nog best een goede handelaar zijn. Wie weet wat dat mij nog voor voordeel gaat opleveren in de toekomst!